Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

klaploper

Kleine takel met dubbel stel schijven om een grotere trekkracht uit te kunnen oefenen.

klaplopen

bietsen, op de schobberdebonk lopen, parasiteren, uitvreten

klaphout

(voorheen) rechtdradig, fijnringig eikehout, waaruit duigen gekloofd kunnen worden

klapblok

Lang blok meestal met een wartelhaak en een dwarse gleuf in een der haken zodat de loper zonder meer op de schijf kan worden gelegd.

klap

de -woord (mannelijk), klappen,