Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

klemkoppeling

koppeling van twee aseinden door op elkaar geklemde helften van een bus

klemhouder

Beitelhouder, geschikt om een beitelplaatje in te klemmen

klem van Doyen

darmklem voor het provisorisch sluiten van de maag

klem van Payr

darm-en maagklem, waarbij de uiteinden elkaar het eerst raken en bij verder sluiten over de gehele klemvlakte een gelijkmatige druk ontstaat

klem

de -woord, klemmen,

kleisteen

Spaans woord Mengsel van klei en stro, in vorm verwerkt en aan de lucht gedroogd tot bakstenen

kleinzielig

enghartig, laf, benepen, kleingeestig, pietepeuterig, pietluttig

kleinsteeds

achterlijk, bekrompen, benepen, provinciaals

kleintjes

ieletjes, petieterig, schuchter, zwakjes

kleinste waaiervis

soort uit het geslacht waaiervis van de familie der eierleggende tandkarpers van de orde der koornaarvisachtigen van de klasse der beenvissen