kloefkapper
klompenmaker
klompenmaker
klomp, hoef, sul
kladden, knoeien, vlekken
Koninklijke LuchtMacht
` klod – der, de -woord (mannelijk), klodders, vettige, brijachtige klomp
deel van een kaarde, voor het verwijderen van klitten
hoop kiemende gerst waarvan de korrels ten gevolge van het in elkaar strengelen van de wortelkiempjes aan elkaar klitten, zodat een min of meer samenhangend geheel wordt gevormd
het inbrengen in de endeldarm d.m.v. een irrigator of een spuit, van vloeistoffen die een afvoermiddel, een medicament of een voedingsmiddel bevatten
lavementspuit
aanhouden, vangen, betrappen, gevangennemen, klitten, vasthechten, vastklampen