knots
knuppel, knotsgek, getikt, knobbel, bobbel, klap, slag, stoot
knuppel, knotsgek, getikt, knobbel, bobbel, klap, slag, stoot
de -woord, knotten, kluwen, bundel
mopperen
brommen, grommen, mopperen, morren, pruttelen, vitten
brombeer, grompot, iezegrim, brompot, mopperaar
soort uit de familie der holhoornigen(= familie der runderachtigen)van de orde der evenhoevigen van de klasse der zoogdieren
poon
kwast, knobbel, knoest, kraakbeen
wijze van voortplanting, waarbij een gedeelte van de cel wordt uitgestulpt, een knop vormt en dan afbreekt om een zelfstandig individu te vormen
Het laten vallen van de bloemknoppen.