Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

knots

knuppel, knotsgek, getikt, knobbel, bobbel, klap, slag, stoot

knot

de -woord, knotten, kluwen, bundel

knorren

brommen, grommen, mopperen, morren, pruttelen, vitten

knorrepot

brombeer, grompot, iezegrim, brompot, mopperaar

knoros

soort uit de familie der holhoornigen(= familie der runderachtigen)van de orde der evenhoevigen van de klasse der zoogdieren

knor

kwast, knobbel, knoest, kraakbeen

knopvorming

wijze van voortplanting, waarbij een gedeelte van de cel wordt uitgestulpt, een knop vormt en dan afbreekt om een zelfstandig individu te vormen

knopval

Het laten vallen van de bloemknoppen.