Wat Betekent Het?

Voor De Betekenis Van Alle Nederlandse Woorden!

kopkas

diverse, tegen een muur geplaatste kassen

kopje

hoofdje, gezichtje, bakje, tas

kopij

ko` pij, de -woord (vrouwelijk),

kopiist

afschrijver, overschrijver, kopieerder

kopiëren

Een duplicaat maken van iets.

kopieerstift

Voelstift die de te kopieren mal aftast

kopieersjabloon

Onderdeel waarvan de geometrie het werkstukprofiel bepaalt

kopieerraam

Glazen plaat waarin negatieven en positieven door middel van vacuüm op lichtgevoelig materiaal worden gebracht om te worden gekopieerd.

kopieerinkt

gewone inkt, welke dikker is gemaakt door toevoeging van glycerine, suiker of andere produkten

kopieerfrezen in banen

Kopieerfrezen met een periodieke en een constante aanzet, terwijl de diepteaanzet wordt afgeleid van een mal (constante snedediepte)