koralen
ko` ra – len, I, meervoudig zelfstandig naamwoord, koraaldiertjes;, II, bijvoeglijk naamwoord, van 2 koraal
ko` ra – len, I, meervoudig zelfstandig naamwoord, koraaldiertjes;, II, bijvoeglijk naamwoord, van 2 koraal
Tropische zeevis van de familie van de schorpioenvissen, bontgekleurd met witte, zwarte en bruine strepen
ko` raal, («Frans«Latijn) koralen,
koralen
netwerk voorzien van een metalen of houten frame en kettingmatten, voor het vangen van schelpdieren
` kop – zorg, de -woord, kopzorgen, tobberij, kommer;, zich kopzorgen maken, bezorgd zijn
bep.voederziekte bij runderen
Het wit aan de bovenkant van de pagina.
entwijze waarbij het stammetje en de enttwijg, van ongeveer gelijke dikte, beide volgens verschillende modellen schuin toegesneden worden en met de snijvlakken op elkaar gebonden
Tandhoogtecorrectie bij profielverschuiving om voldoende kopspeling te houden