plezier
ple` zier, («Frans), het -woord, plezieren,
ple` zier, («Frans), het -woord, plezieren,
ple` zie – rig, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, aangenaam, genoeglijk, vermakelijk, prettig
ple` zant, («Frans), bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, Zuid-Nederlands,
plexus venosus pudendalis bij de man;plexus venosus urethrae bij de vrouw
fijn zenuwnetwerk in de papilla dentis onder de odontoblasten, tijdens de vorming van dentine
plexus van lymphevaten in de fossae, lateraal in het frenulum praeputii
laag van zenuwvezels aan het oppervlak van de cortex cerebralis
netwerk van arteriae in de darmwand
Netwerk van zenuwen of bloedvaten.
een vrij onschuldige besmettelijke ziekte, genoemd naar het Deense eiland Bornholm, alwaar in 1930 een epidemie van deze aandoening uitbrak