roerganger
Degene die het schip op de juiste koers zet en houdt door stuurmachine, stuurwiel of helmstok te bedienen
Degene die het schip op de juiste koers zet en houdt door stuurmachine, stuurwiel of helmstok te bedienen
door overheidslichamen of private ondernemingen uitgegeven waardepapieren, die onderr bepaalde voorwaarden voor notering ter beurze in aanmerking komen; verzamelnaam voor verschillende waardepapieren, zoals aandelen en obligaties; wisselbrieven, promessen en cheques worden niet als effecten beschouwd
persoonlijke voorwerpen, linnengoed, goederen bestemd voor meubilering of uitrusting voor persoonlijk gebruik van de belanghebbenden of voor de behoeften van hun huishouden
` roe – ren, (roerde, h. geroerd),
` roe – rend, bijvoeglijk naamwoord en bijwoord,
beweegbaar vlak van het roer
Metalen veren van vingerlingen en van roerhaken.
(Duits: Rur), rivier in België, Duitsland en Nederland
` roe – ping, de -woord (vrouwelijk), roepingen, waartoe men zich geroepen gevoelt; bestemming: zijn roeping volgen ;, zijn roeping gemist hebben, niet datgene geworden zijn waarvoor men aanleg had
verzoek, wekstem, vermaning, waarschuwing