` om – ko – pen, (kocht om, h. omgekocht), door geld, geschenken of beloften personen ertoe bewegen dingen te doen die ze uit hoofde van hun functie of beroep niet behoren te doen: voetballers, ambtenaren omkopen ;, om – ko – pe` rij, de -woord (vrouwelijk), omkoperijen ;, ` om – ko – ping, de -woord (vrouwelijk), omkopingen