` in – di – rect, («Frans«Latijn), bijvoeglijk naamwoord en bijwoord, niet direct, middellijk, niet rechtstreeks;, indirecte belasting, verbruiksbelasting, die niet rechtstreeks de persoon treft, maar gelegd is op de verbruiksmiddelen;, indirecte rede, omschrijvende aanhaling van iemands woorden (als in: hij zei, hij dacht dat …);, indirecte verlichting, verlichting door teruggekaatst licht;, indirecte vrije schop, voetbal vrije schop die niet rechtstreeks in het doel van de tegenstander mag worden geschoten