I, bijwoord, in hoge mate;, II, het -woord :, op zijn hoogst(e) zijn, het hoogste, hevigste, uiterste bereikt hebben;, op zijn hoogst, in het uiterste geval, zo hoog mogelijk gerekend;, ten hoogste, in hoge mate of zo hoog mogelijk gerekend;, Zuid-Nederlands :, op het hoogst(e) van de dag, `s middags;, Zuid-Nederlands :, op het hoogste wonen, op de bovenste verdieping