prikkeling van het stilstaand hart door het bekloppen van de hartstreek met de vuist (indirecte hartmassage) of door kneding van het hart zelf via een thoracotomie (transthoracale hartmassage) soms tijdens een laparotomie via het middenrif (subdiafragmatische hartmassage); Ritmisch druk uitoefenen op het hart bij hartstilstand om de hartslag of bloedsomloop te stimuleren. Indien dit gebeurt na chirurgisch openen van de borstkas, spreekt men van inwendige hartmassage; Indien uitgevoerd door externe thoraxcompressie, zonder openen van de borstkas, dan: uitwendige hartmassage