` em – mer, («Latijn), de -woord (mannelijk), emmers, vat of bak met hengsel:, een druppel in een emmer, een onbeduidend klein deeltje van een grote hoeveelheid;, alsof je een emmer leeggooit, dat is geen kleinigheid;, de druppel die de emmer doet overlopen, de laatste aanleiding tot een al lang dreigende uitbarsting