I, bijwoord, ontkenning: ik wil niet naar bed ;, II, het -woord, niets;, om niet, voor niet, a) tevergeefs; b) gratis;, te niet doen, vernietigen;, als niet komt tot iet, kent iet zichzelven niet, parvenu`s zijn verwaand;, in het niet zinken bij iets, zonder waarde zijn vergeleken met iets anders;, III, de -woord (mannelijk), nieten, lot waarop geen prijs valt