` cir – kel, («Latijn), de -woord (mannelijk), cirkels, gesloten kromme lijn waarvan alle punten op dezelfde afstand liggen van één punt (het middelpunt);, vicieuze cirkel, cirkelredenering, waarbij men hetgeen bewezen moet worden als bewezen aanneemt; toestand waarbij men steeds weer op het uitgangspunt terugkeert; zie ook bij, aangeschreven , omgeschreven en ingeschreven